Vernieuwend klinisch onderzoek voor betere behandeling ziekte van Crohn

1 april 2016

In september 2016 startte prof. dr. Séverine Vermeire met een onderzoek om de ziekte van Crohn, een ontstekings­ziekte van de dunne darm, efficiënter te kunnen aanpakken. Vernieuwend aan haar aanpak is dat de studie niet gericht is op een betere behandeling van de ontsteking, maar de ontsteking wil vermijden. “Dat kan door de onder­liggende defecten bij crohn­patiënten aan te pakken”, vertelt ze. Voor haar onderzoek kreeg ze een presti­gieuze Advanced ERC-grant.

De ziekte van Crohn is samen met colitis ulcerosa de meest voor­komende chronische inflam­matoire darm­aandoening. Prof. dr. Séverine Vermeire: “Er is een sterke link tussen onze westerse levens­stijl en de frequentie van de ziekte. Dat verklaart waarom de ziekte van Crohn na de Tweede Wereld­oorlog sterk is beginnen stijgen. Drie op de honderd mensen krijgen er momenteel mee te maken; het gaat dus allang niet meer om een zeldzame ziekte.”

“Het aantal nieuwe gevallen stijgt de laatste jaren niet meer zo snel, maar de leeftijd waarop de aandoening zich voor het eerst manifesteert, wordt wel alsmaar lager. Vroeger was dat vijftien à vijfen­twintig jaar. Tegen­woordig zijn kinderen van tien jaar of jonger geen uit­zondering meer.”

Aangetaste levens­kwaliteit

“De aandoening is weliswaar niet dodelijk, maar heeft een zware impact op de levens­kwaliteit. Veel patiënten hebben last van ernstige vormen van bloederige diarree en stoelgang­inconti­nentie. Om de ont­stekingen weg te nemen, moeten ze vaak medicatie nemen die ernstige bij­werkingen kan hebben.”

“Bovendien zijn vaak operaties nodig waarbij delen van de dunne of dikke darm of beide worden weg­genomen, en waarbij het nodig is om een stoma te plaatsen. Een enkele keer gaan we zelfs over tot een dunne­darm­trans­plan­tatie.”

Als we de onder­liggende defecten kunnen elimineren of corrigeren, zijn we de ontsteking te slim af
prof. dr. Séverine Vermeire

Onder­liggende defecten

“Hoewel we nog altijd geen goed zicht hebben op de oorzaak van de ziekte, begrijpen we ondertussen al beter waar een en ander misloopt. Zo is in vele gevallen de barrière­functie van de darm gestoord, waardoor het darm­oppervlak ook bacteriën door­laat, wat niet zou mogen. Het is ook mogelijk dat de epitheel­cellen en de immuun­cellen in de darm niet correct reageren op de aanwezige flora.

Er is ook aangetoond dat de samen­stelling van de darm­flora of een verstoorde herkenning van de bacteriën ontstekingen uitlokt. Een ander defect kan te maken hebben met de auto­fagie, het mechanisme waarbij over­bodige cel­componenten worden afgebroken. Een patiënt kan een of meer van zulke defecten vertonen. Als we die gericht kunnen elimineren of corrigeren, zijn we de ontsteking en de daarmee gepaard gaande symptomen te slim af.”

Persoon­lijk profiel

“Daarom starten we nu met een onder­zoek waarbij we bij patiënten een aantal belangrijke parameters van de darm­functie gaan bijhouden. Op die manier maken we voor elke patiënt een persoonlijk profiel aan. Tegelijk is het voor ons een schat aan informatie omdat we met de databank nog beter kunnen vast­stellen met welke defecten de ziekte van Crohn gelinkt is. We noteren dus ook parameters waarvan we nu nog niet met zekerheid weten of ze recht­streeks met de aandoening te maken hebben.”

We zullen preventief te werk gaan: in plaats van een infectie af te wachten, pakken we de onder­liggende defecten aan
prof. dr. Séverine Vermeire

“Die systematische registratie vormt het eerste deel van het onderzoek en zal ongeveer drie jaar in beslag nemen. Daarna start het tweede deel: een piloot­studie bij vijftig patiënten die we op maat gaan behandelen. Dat betekent dat we preventief te werk zullen gaan: in plaats van een infectie af te wachten, pakken we de onder­liggende defecten aan. Is er bijvoorbeeld sprake van een gestoorde barrière­functie, dan gaan we die proberen te herstellen. Een patiënt bij wie het proces van auto­fagie verstoord is, krijgt medicatie om dat probleem te verhelpen, en patiënten met een extreem verstoorde darmflora kunnen misschien baat hebben bij een stoelgang­trans­plan­tatie, naast medicatie.”

“Daarbij hoeven er geen nieuwe genees­middelen te worden ontwikkeld. Om de onder­liggende problemen te behandelen, bestaat nu al goed­gekeurde en beproefde medicatie. Het betreft dus een veilige studie. Natuurlijk weten we nu nog niet wat de impact is van de diverse onder­liggende defecten op het ontstaan van ontstekingen en op de ernst ervan. Allicht zijn sommige defecten doorslag­gevender dan andere. Dat zal uit deze tweede fase van de studie moeten blijken.”

Door­braak

“Deze shift in aanpak – niet langer de ontsteking bestrijden, maar haar eerder vermijden door in te grijpen op het onder­liggende probleem – kan een belangrijke doorbraak in de behandeling van crohn betekenen. Het is bovendien klinisch trans­lationeel en puur klinisch onderzoek, wat de patiënten­zorg snel ten goede komt, zonder een lang­durig voor­traject via fundamenteel onder­zoek.”

Laatste aanpassing: 21 januari 2021