Zelf glycemie en ketonen meten - op kindermaat

Je probeert zelf je bloedsuikergehalte (glycemie) zo goed mogelijk op peil te houden. Door een goede zelfcontrole voorkom je te lage waarden (hypoglycemie) of te hoge waarden (hyperglycemie) en verklein je de kans op ketoascidose. Daarvoor noteer je je bloedsuikerwaarden in een dagboekje.
Kinderen met diabetes - Zelfregulatie glycemie

Hyperglycemie: te hoog bloedsuikergehalte

Een hyperglycemie geeft aan dat het bloedsuikergehalte te hoog is, er is een tekort aan insuline.

Dit is een glycemie hoger dan 250 mg/dl.

Als de hyperglycemie zich herhaalt op hetzelfde moment van de dag, moet de dosis insuline die op dat ogenblik werkt, voor de volgende dag verhoogd worden.

Het kan ook nodig zijn om op het ogenblik van een te hoge glycemie extra insuline toe te dienen volgens het bijspuitschema. We noteren dit schema achteraan in je dagboekje.

Kinderen met diabetes - Geen of te weinig sleutels = hyperglycemie

Wat te doen bij een hyperglycemie?

Bij glycemie boven 300 mg/dl: ketonen meten!

Hyperglycemie zonder ketonen:

  • op het moment van het tussendoortje: tussendoortje verminderen.
    • glycemie tussen 250 en 350 mg/dl: een half tussendoortje
    • glycemie boven 350 mg/dl: geen tussendoortje
  • op het moment van de maaltijd: meer insuline spuiten volgens jouw bijspuitschema.

Hyperglycemie met ketonen:

  • op het moment van het tussendoortje: extra inspuiting insuline zetten.
  • op het moment van de inspuiting: meer insuline spuiten (bijspuitschema + 20 à 50% extra, naargelang hoeveelheid ketonen).
  • bij twijfel, neem steeds contact met het diabetesteam.

Hypoglycemie: te laag bloedsuikergehalte

Een te lage hoeveelheid suiker in het bloed wordt 'hypoglycemie' of kortweg 'hypo' genoemd.

Dit is een glycemie lager dan of gelijk aan 55 mg/dl.

Kinderen met diabtes - Wat te doen bij een hypo?

Wat te doen bij een hypo?

De eerste stap als je een hypo voelt, is altijd een glycemiecontrole.

Heb je een hypo meer dan een half uur voor het tussendoortje of een maaltijd?

  • Je neemt onmiddellijk snelle suikers in (druivensuiker).
  • Je wacht 10 minuten.
  • Je neemt ook nog extra trage suikers in (droge koek).

Heb je een hypo binnen het half uur voor de maaltijd of het tussendoortje?

  • Je neemt onmiddellijk snelle suikers in (druivensuiker).
  • Je wacht 10 minuten.
  • Je neemt je tussendoortje of je spuit je gewone hoeveelheid insuline in en eet je voorziene maaltijd op.

De hoeveelheid snelle suikers die je moet innemen, hangt af van je gewicht. De diëtist zal je hierbij helpen.

Extra informatie

PDF
GlucaGenĀ® Hypokit
PDF - 520.05 Kb

Ketonen en ketoascidose

Als je te weinig insuline hebt (bv. bij langdurige hyperglycemie), gebruikt je lichaam geen glucose meer als energiebron, maar gaat het de vetreserves aanspreken. Wanneer het lichaam vetten gaat verbranden, komen er giftige stoffen, ketonen, vrij. Die ketonen stapelen zich op in het bloed (verzuren) en kunnen het lichaam ziek maken. Dat wordt ketoacidose genoemd.

Ketonen in je urine? En voel je je misselijk en/of moet je braken? Contacteer onmiddellijk je arts.

Wat te doen bij ketonen?

  • Er moet extra, heel snelwerkende insuline toegediend worden.
  • Drink veel water.
  • Controleer elke 2 uur je glycemie.
  • Controleer de ketonen in je urine of in je bloed tot ze verdwenen zijn.

Dagboekje

Om een goed overzicht te krijgen van jouw bloedsuikerwaarden, is het belangrijk alles erg goed te noteren in je dagboekje!

Daarnaast is het belangrijk dat je weet wat je moet doen als je glycemie te hoog of te laag is.

Voorbeeld van een dagboekje

PDF
Kinderen met diabtes - Basisdosis insuline aanpassen

Basisdosis insuline aanpassen

Om je zo goed mogelijk aan te passen aan het leven van elke dag, is het belangrijk om bij het bepalen van je insulinedosis rekening te houden met je glycemie, met wat je gaat eten en met
hoeveel je gaat bewegen.

Je glycemie zal stijgen wanneer je:

  • meer eet,
  • de insulinedosis verlaagt,
  • weinig actief bent,
  • ziek bent of stress hebt.

Je glycemie zal dalen wanneer je:

  • minder eet,
  • de insulinedosis verhoogt,
  • heel actief bent.

Handige flyer

PDF
Laatste aanpassing: 1 september 2020