Uw verblijf op de kraamafdeling

Hoe lang blijft u op de kraamafdeling? Hoe verloopt uw verblijf op de afdeling?

Verzorging van de moeder

Na de bevalling wordt u verzorgd en bijgestaan door de vroedvrouwen op de kraamafdeling.

De vroedvrouw die u en uw baby op de afdeling ontvangt, zorgt vaak ook voor de eerste verzorging. Zij geeft u wat meer informatie over uw verblijf.

De vroedvrouw komt bij u langs voor een onthaalgesprek. Dit is een vraaggesprek met de bedoeling gegevens te verzamelen die nuttig zijn om uw verblijf zo aangenaam mogelijk te maken. U krijgt ook uitleg over de werking van de eenheid.

Op de kraamafdeling zal men u aanmoedigen om uw persoonlijke verzorging en de voeding en verzorging van uw baby zo veel mogelijk zelf in handen te nemen. Zo zal de overgang naar thuis gemakkelijker verlopen.

Na een gewone bevalling

Na de opname op de kraamafdeling wordt u, afhankelijk van uw toestand, gewassen of kunt u zelf een douche nemen. Vraag hulp wanneer u na de bevalling voor het eerst uit bed komt.

U kunt het zelfspoeltoestel gebruiken tijdens de hele duur van uw verblijf.

Na een keizersnede

Bij opname op de kraamafdeling wordt u opgefrist en krijgt u een vulvaspoeling.

U draagt steunkousen en u krijgt eventueel ook bloedverdunnende medicatie ter preventie van flebitis (aderontsteking)

U mag een beetje drinken en , afhankelijk van uw narcose en uw darmwerking, mag u , in samenspraak met uw vroedvrouw, iets licht eten.

Bij pijn wordt er medicatie toegediend via uw epidurale katheter of via uw infuus. Als u pijn heeft, moet u dit altijd melden aan de vroedvrouw. Na het verwijderen van de epidurale katheter en het infuus, krijgt u de nodige pijnmedicatie via de mond of via een zetpil.

De volgende dagen krijgt u, indien nodig, hulp bij het wassen, maar u wordt gestimuleerd om dit zo mogelijk zelf te doen. U kunt douchen nadat er een waterbestendig verband op de wonde is aangebracht. Het infuus, de pijnpomp en de blaassonde blijven zitten tot dag 1 of dag 2.

Het is belangrijk dat u uw benen, voeten en tenen beweegt als u in bed ligt om flebitis te voorkomen.

U zult wel gestimuleerd worden om uit bed te komen, zodat u vlotter zult herstellen.

Na het verwijderen van de blaassonde probeert u best om na twee uur spontaan te plassen. Vraag hulp als u de eerste keer uit uw bed wil komen.

Verblijfsduur na bevalling

Als uw zwangerschap normaal verloopt, de bevalling vlot is en er geen verwikkelingen zijn, mag u naar huis.

Het aantal dagen in het ziekenhuis hangt af van het type bevalling en of het om een eerste of volgende kind gaat.

  • Gewone bevalling:
    • Eerste kind: 3 nachten
    • Vanaf het tweede kind: 2 nachten
  • Keizersnede: 4 nachten

Onze artsen, vroedvrouwen en andere medewerkers staan in voor de zorg voor uzelf en uw baby. Zij begeleiden u bij de voedingsmomenten en de verzorging van uw baby en bespreken met u de thuiskomst.

Thuiskomst voorbereiden

De eerste 3 dagen na de bevalling is medische opvolging verplicht. Na uw ontslag uit het ziekenhuis wordt deze opvolging overgenomen door uw vroedvrouw in de thuiszorg of door uw huisarts.

  • Maak al tijdens de zwangerschap afspraken voor thuiszorg en de controles door een vroedvrouw en uw huisarts.
  • Breng na de bevalling, vanuit het ziekenhuis, de zorgverleners in de thuiszorg op de hoogte van uw ontslagdatum.
Lees meer over voorbereidingen voor thuisopvolging na uw bevalling.

Naar huis

Als uw zwangerschap normaal verloopt, er zich geen problemen voordoen rond de bevalling of in de kraamtijd en er is, noch voor uzelf, noch voor uw baby, een medisch bezwaar om naar huis te gaan, dan kan u thuis, in uw eigen omgeving, verder herstellen.

U verlaat het ziekenhuis bij voorkeur in de voormiddag, ten laatste om 11 uur.

De nodige medische en vroedkundige omkadering thuis wordt dan verzekerd door de zorgverleners uit de eerste lijn, namelijk uw vroedvrouw, uw huisarts en Kind & Gezin.