Vrijdagavond, acht uur. We hebben ons net in de zetel genesteld om naar een nieuwe aflevering van The Masked Singer te kijken. Plots rinkelt mijn gsm. Ik ben van wacht vannacht. Een collega van de spoeddienst vraagt me of ik hen kan ondersteunen in de opvang van de familie van een patiënt. Ik sta op en trek mijn schoenen weer aan. Ik verneem morgen wel van mijn dochters of Chinchilla naar de volgende ronde gaat.
Drie kwartier later kom ik aan op spoed. Het is druk vanavond. De wachtruimtes zitten vol en zorgverleners lopen heen en weer. Na een korte briefing door de arts ga ik op zoek naar de familie. Ik tref hen aan in een van de gespreksruimtes. Ze zijn erg aangedaan. Ik stel me voor als pastor en leg uit dat ik er ben om hen te begeleiden tijdens deze moeilijke avond. De patiënt blijkt de vader te zijn van enkele aanwezigen. Er zijn ook twee neven bij. Ze vertellen me dat er nog familie onderweg is naar het ziekenhuis. “Oei”, denk ik bij mezelf, “en we zitten hier al zo krap”.
Al snel geraak ik in gesprek met de familie. Herhaaldelijk benadrukken ze dat ze het waarderen dat ik pastor ben. “Dan begrijp je dat het voor ons nu belangrijk is om onze papa aan Allah toe te vertrouwen. Want uiteindelijk zal Hij beslissen over zijn lot.” Ze zijn diepgelovige moslims. Slechts enkelen van hen spreken en verstaan Nederlands. Toch kan ik met iedereen praten, ook met de oude en verdrietige moeder van de patiënt. De kleindochter tolkt voortreffelijk. Ondertussen is de familie aangegroeid tot twintig. “Er zijn er nog onderweg, pastor”.
Ik besluit de familie mee te nemen naar een wachtzaal van intensieve zorg, dichtbij een buitendeur zodat ze af en toe kunnen roken. Ik toon hen ook de weg naar de gebedsruimte. Het wachten duurt lang. We zijn ondertussen voorbij middernacht. Tussendoor krijg ik van de artsen updates over de situatie van de patiënt die ik doorgeef aan de familie. Er is veel verdriet en ontreddering, maar er wordt ook gelachen bij de vele herinneringen. We zijn ondertussen al met meer dan dertig. Ik slaag er niet in om alle familiebanden helder te krijgen. Iedereen is vanavond hier om voor de ernstig zieke patiënt en zijn gezin te bidden en hen te ondersteunen.
Reizen leert je dat verschil een verrijking kan zijn
Het verschil met de begeleiding van ‘mensen van hier’ is groot. Vaak is dan enkel het kerngezin van de patiënt aanwezig en volstaat de ziekenhuiskamer. Is zo iemand dan beter of slechter af dan de rijkelijk omringde patiënt op spoed? Hier past geen oordeel. Het is ‘anders’. Culturen en religies gaan verschillend om met de zorg voor de zieke. In de ene cultuur kan het individu voorop staan, in een andere cultuur de gemeenschap. Vaak zijn we ons niet bewust van onze eigen culturele bril, onze eigen normen en waarden. Die bepalen wat we ‘normaal’ vinden en wat ‘afwijkend’. Onze taal verraadt vaak het afwijkende. We spreken over een ‘vrouwelijke arts’, ‘een donkere huidskleur’ of ‘een vrouw met een hoofddoek’. Nooit over ‘een mannelijke arts’, ‘een witte huidskleur’ of ‘een vrouw zonder hoofddoek’.
De gastvrijheid van de familie op spoed hielp me om mijn eigen culturele bril af te zetten en het verschil in taal, geloof en culturele gewoontes te waarderen. Ik leek wel op reis in een ander land die avond. Op reis spreken we andere talen, houden we andere ritmes aan, gaan we anders om met tijd, eten, religie of sociale omgangsvormen. Door ons open te stellen voor lokale gebruiken, nieuwe smaken te proberen en gesprekken aan te gaan met mensen die anders zijn, trainen we onze flexibiliteit en empathie. Reizen leert je dat verschil een verrijking kan zijn. En die houding kan je meenemen naar je eigen werkplek: de spoeddienst bijvoorbeeld.
Wanneer ik diep in de nacht weer thuiskom, zoek ik op of Chinchilla er nog bij is in de volgende aflevering van het tv-programma. Jammer. Ik ben niet de enige die vanavond zijn bril of masker heeft afgezet.
Martijn Steegen is een van de pastors van UZ Leuven.
Wil je een pastor spreken? Neem dan contact op met de verpleegeenheid of met het secretariaat: tel. 016 34 86 20. Martijn zelf kun je mailen via martijn.steegen@uzleuven.be.