Medewerkers gingen lunchen met onze CEO

17 december 2015
Verschillende UZ Leuven-medewerkers kregen in 2015 de kans om te gaan lunchen met onze CEO, prof. dr. Marc Decramer. Ze vertelden over hun ervaringen op het vlak van de zorgkwaliteit in ons ziekenhuis. Bedoeling is dat ze zo meebouwen aan nog betere patiënt­gerichte zorg.

Verschillende lunches

In het voorjaar van 2015 vonden er drie ‘lunches met de CEO’ plaats, met in totaal een 30-tal medewerkers. Behalve onze CEO, professor Marc Decramer, waren ook hoofd­geneesheer Johan Van Eldere en verpleeg­kundig directeur Koen Balcaen aanwezig. Ze luisterden aandachtig naar de ervaringen van de deel­nemers. Het initiatief werd trouwens verder­gezet met nog een lunch in het najaar van 2015 en geplande lunches in 2016.

Divers publiek

De deel­nemende medewerkers, die heel uit­een­lopende ervaringen en verhalen deelden, kwamen uit diverse diensten en afdelingen en hadden verschillende functies.

Er waren mensen van de technische dienst, het centraal patiënten­vervoer en de administratie. Maar ook verpleeg­kundigen, een kinesi­therapeut, een sociaal werker, en verschillende artsen namen deel. Allemaal waren ze recent zelf patiënt geweest of hadden ze van nabij de behandeling van een familie­lid meegemaakt.

Patiënt­centrale zorg

CEO professor Marc Decramer getuigt dat de verhalen erg inspirerend waren met het oog op een nog meer patiënt­­gerichte zorg. “UZ Leuven wil niet alleen top­klinische zorg en onderwijs bieden; we willen tegelijk een voorbeeld zijn van een organisatie waar patiënt­centrale zorg een belangrijke strategische pijler vormt. Het concept van ‘Lunch met de CEO’ past uitstekend in die ambitie.”

Het idee komt over­gewaaid uit de Verenigde Staten, waar lunch­bijeenkomsten belangrijke informatie opleveren voor een meer patiënt­gerichte organisatie.

Privacy en andere thema’s

Elke medewerker kreeg de kans om zijn ervaringen te delen. Er waren zwaardere verhalen bij, maar ook meer ‘alledaagse’ getuigenissen kwamen aan bod. Iedereen kon zelf beslissen hoe gedetailleerd hij zijn verhaal wou vertellen.

Privacy was een van de thema’s die ter sprake kwamen. Er werd bijvoorbeeld op gewezen dat vertrouwelijk­heid in een twee­persoons­kamer niet vanzelfsprekend is: je kamer­genoot luistert nood­gedwongen mee wanneer de arts jou een diagnose of een andere gevoelige boodschap komt melden.

Ook het probleem van de vaak lange wacht­tijden haalden verschillende deel­nemers aan. Al merkte iemand daarover op dat wacht­tijden – als ze tenminste binnen de perken blijven – ook een positieve indruk kunnen geven: artsen beperken zich blijkbaar niet tot het obligate kwartiertje maar maken genoeg tijd voor elke patiënt.

De verhalen waren erg inspirerend met het oog op een nog meer patiënt­­gerichte zorg
prof. dr. Marc Decramer

Andere thema’s waren onder andere de aandacht voor de familie­leden, de continuïteit in de zorg (bijvoorbeeld worden onderzoeken zo veel mogelijk op één dag gepland of moet je verschillende keren terugkomen) en de infra­structuur (kamers, wacht­ruimtes, eenheden …).

De medewerkers beklemtoonden niet alleen wat er fout liep of beter kon. De positieve ervaringen werden ook uitvoerig besproken.

Zitten en luisteren

Terwijl de medewerkers hun verhaal deden, luisterden de directie­leden aandachtig. Pas tijdens het laatste kwartier kregen ze van de moderatoren het woord en gaven ze feedback op de verschillende verhalen. Die luisterende houding werd enorm geapprecieerd door de deel­nemers. ‘Ik kreeg de kans om mijn verhaal te doen, werd niet onderbroken en voelde dat er echt geluisterd werd’, was de algemene teneur achteraf.

Laatste aanpassing: 21 januari 2021