Huisdieren en immuuntherapie

Een huisdier houden in de periode dat u immunotherapie krijgt, is mogelijk. Een geliefd huisdier kan in deze periode net een steun en toeverlaat betekenen.

Als uw huisdier goed verzorgd is, kan u gerust de verzorging van uw huisdier verder opnemen. Als u dat wenst, kan u voor de verzorging van uw huisdier de volgende maatregelen in acht nemen.

  • Laat uw huisdier voor de start van je behandeling nakijken door uw dierenarts. Die kan een medische controle uitvoeren, de eventueel nodige vaccinaties toedienen, ontwormen en een middel tegen vlooien toedienen of voorschrijven.
  • Zorg voor opvangmogelijkheden en oppas voor uw huisdier om eventuele opnames te overbruggen.

Verzorging en contacten

  • Vermijd krab- en bijtletsels. Vijl eventueel ter preventie de nagels van uw huisdier bij.
  • Vermijd het zelf reinigen van huisdierenverblijven (vogelkooi, vissenbak, terrarium, kippenhok …) en kattentoiletten. Als u dit toch doet, draagt u het best handschoenen en wast u nadien uw handen.
  • Zorg dat het kattentoilet zich niet in dezelfde ruimte bevindt als de ruimte waarin u maaltijden bereidt of eet.
  • Laat u niet likken in het aangezicht en was uw handen na elk contact met uw huisdier. Slaap niet samen met uw huisdier.
  • Sommige huisdieren dragen meer ziektekiemen met zich mee en vormen dus ook een hoger risico voor patiënten. Het gaat om reptielen (slangen, schildpadden …), kippen, eenden en knaagdieren. Verzorging en contact worden het best vermeden.
Laatste aanpassing: 12 juni 2020