Afspraken
-
+32 16 34 47 75 - werkdagen van 8 tot 17 uur
Hoe werkt een insulinepomp?
De nieuwste generatie insulinepompen - ook wel slimme pompen genoemd - werken steeds in combinatie met een sensor. Op basis van de sensorwaarde voert het algoritme van deze pompen een berekening uit en beslist hoeveel insuline wordt afgegeven. Dit doet het systeem 24 uur per dag. Bij hogere sensorwaarden wordt er meer insuline afgegeven, bij lagere waarden minder of zelfs geen. Hierdoor zien we in het algemeen stabielere glycemiewaarden.
Op het moment dat er gegeten wordt, geeft de gebruiker van de insulinepomp in hoeveel KH (in grammen) hij/zij effectief zal eten. Het systeem berekent dan hoeveel insuline hiervoor extra toegediend moet worden. Hierdoor kunnen de glycemiepieken, die ontstaan na maaltijden, opgevangen worden.
Tijdens inspanningen, waarbij er een lagere insulinenood is, kan de gebruiker dit ook aangeven aan het systeem zodat het algoritme dit in rekening kan brengen en zijn insuline-afgifte hierop afstemt.
Soorten pompen
Er is de laatste jaren een grote evolutie op het gebied van deze technologie. Zo zijn er reeds verschillende firma’s die deze systemen aanbieden en zijn er regelmatig nieuwe ontwikkelingen op het gebied van sensor, insulinepomp en het algoritme dat deze systemen aanstuurt.
Algemeen kunnen we stellen dat we de insulinepompen kunnen indelen in:
- Patchpomp (zonder kabel)
- Katheterpomp (met kabel)
Terugbetaling
In België is er een ‘insulinepompconventie’. Dat is een overeenkomst tussen het ziekenfonds en een aangesloten conventieziekenhuis, zoals UZ Leuven, om alle kosten van een insulinepompbehandeling bij diabetes type 1 terug te betalen.
- Het ziekenhuis koopt de insulinepomp.
- Zolang u patiënt blijft in het ziekenhuis, kunt u de pomp gebruiken.
- U bezorgt de pomp terug bij het stopzetten van de behandeling of als u van centrum verandert.
- Alle materialen voor de behandeling (spuiten, katheters, batterijen en afdekmaterialen) worden terugbetaald.
Belangrijke aandachtspunten
Een insulinepomp wordt steeds opgestart door een diabeteseducator. Hoe deze opstart verloopt (ambulant of via korte opname) zal eerst besproken worden met uw behandelende endocrinoloog.
Tijdens de opstartsessieleert u hoe de insulinepomp, de sensor en het algoritme werken en hoe u dit in het dagelijks leven moet toepassen.
Naast het technische aspect moet u ook voldoende kennis hebben van koolhydraten. Verder wordt u ook geïnformeerd over ketonen en wat te doen bij technische problemen.
Heeft u nog geen insulinepomp en wenst u hierover meer uitleg? Bespreek dit dan zeker tijdens uw diabetesraadpleging. Zo kunnen we u correct informeren over insulinepomptherapie en kijken welk systeem het best past bij uw verwachtingen.
Vragen en contact
E-learnings koolhydraten
Leer meer over koolhydraten en hoe je telt in grammen koolhydraten in deze films.