“Niet elke moeilijke ervaring is meteen een trauma,” legt prof. dr. Ruud Van Winkel, psychiater aan UPC KU Leuven, uit. Samen met zijn team onderzocht hij de afgelopen jaren welke invloed kindertrauma heeft op de ontwikkeling van jongeren. “We maken allemaal wel eens ingrijpende dingen mee. Pas wanneer een gebeurtenis de draagkracht van een kind overschrijdt en er negatieve gevolgen zijn, spreken we van trauma.”
Kinderen kunnen een ouder verliezen, een vechtscheiding meemaken of geconfronteerd worden met een ernstig ongeluk van een vriendje. Maar het zwaarst wegen de ervaringen waarbij iemand bewust pijn veroorzaakt, zoals bij pesten, mishandeling of verwaarlozing. “Kinderen betrekken zulke ervaringen vaak op zichzelf. Ze geloven dat ze onwaardig zijn of er niet toe doen. Dat soort gedachten maakt de impact veel groter.”
Een eenmalige gebeurtenis kan soms al genoeg zijn om diepe sporen na te laten, zeker wanneer het gaat om iets heel ingrijpends, zoals seksueel misbruik. “Toch zien we dat het risico veel groter wordt wanneer moeilijke ervaringen zich opstapelen. De meeste jongeren maken één of enkele moeilijke dingen mee, maar sommigen worstelen met meerdere trauma’s tegelijk, zoals pesten, verwaarlozing én armoede. Bij hen is de kans op mentale klachten het grootst.”
Trauma verandert niet alleen hoe jongeren naar de wereld kijken, maar ook hoe ze zich in die wereld bewegen
prof. dr. Ruud Van Winkel
Bedreigende bril
Twee hersengebieden spelen een sleutelrol in hoe jongeren met trauma hun omgeving inschatten. De hippocampus helpt om herinneringen te verwerken en nieuwe situaties te beoordelen. Bij jongeren met trauma is dat gebied vaak kleiner, wat mee kan verklaren waarom het voor hen moeilijker is om nieuwe situaties correct in te schatten. De amygdala, die emoties zoals angst of boosheid herkent, reageert bij hen juist sterker. Hun reacties zijn daardoor emotioneler en sterker gestuurd door negatieve herinneringen uit het verleden.
Dat patroon werd ook zichtbaar in de studies van professor Van Winkel en zijn collega’s. De afgelopen jaren onderzochten ze welke invloed kindertrauma heeft op de ontwikkeling van jongeren. Daarvoor gebruikten ze computertaken, vragenlijsten en hersenscans. Ze testten bijvoorbeeld hoe jongeren met en zonder trauma reageren op dezelfde situaties. Zo werd duidelijk dat jongeren zonder trauma sneller aanvoelen welke personen veilig en welke onveilig zijn.
Voortdurende onzekerheid
Opvallend was het patroon dat terugkwam bij het zien van gezichten: neutrale gezichten riepen bij jongeren met trauma dezelfde reacties op als boze gezichten. “Voor hen voelt de wereld net iets gevaarlijker en vijandiger aan dan ze in werkelijkheid is. Het is alsof ze een bedreigende bril dragen. Dat kan het risico op mentale klachten verhogen.”
Trauma verandert niet alleen hoe jongeren naar de wereld kijken, maar ook hoe ze zich in die wereld bewegen. “Sommigen trekken zich terug; ze vermijden contact en worden sneller angstig of depressief. Anderen leggen het risico net naast zich neer. Ze vertonen impulsief of zelfbeschadigend gedrag, zoeken hun toevlucht in middelengebruik of gaan onveilige relaties aan. Het zijn allebei manieren om met die voortdurende onzekerheid om te gaan.”
Schaamte doorbreken
Professor Van Winkel wil in de toekomst vooral beter begrijpen waarom sommige jongeren na trauma eerder impulsief of zelfbeschadigend gedrag stellen, terwijl anderen zich terugtrekken en kampen met angst of depressie. “Als we weten waarom jongeren zo verschillend reageren, kunnen we hen helpen om situaties genuanceerder in te schatten en zo beter met die onzekerheid om te gaan.”
Omdat trauma vaak samenhangt met psychische klachten, is de juiste ondersteuning voor kinderen en jongeren erg belangrijk. “Praten is vaak de moeilijkste stap. Kinderen schamen zich of denken dat ze het zelf moeten oplossen. Je kan hen helpen door echt te luisteren en samen op zoek te gaan naar oplossingen. Bij ernstige situaties kan je ook altijd terecht bij een vertrouwenscentrum. Het belangrijkste is dat kinderen voelen dat ze er niet alleen voor staan.”
Vragen of graag meer info? Kijk dan zeker eens op de website van het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling.
(Tekst: Hanne Akkermans)