Stefanie (27)

1 maart 2019

Ze is duidelijk aan het werk. Op het tafeltje: een laptop en twee gsm’s, een kop koffie en een elegante handtas. Ze lijkt ongestoord te werken, ondanks het lawaai en de geluiden van het rinkelende afruimen van borden en bestek. Ze is geen patiënt, geen bezoeker, geen personeelslid. Het is een studente zowaar! Eens iets anders. Maar die twee telefoons?

Stefanie: “Eén privé en één voor het werk. Ik heb vroedkunde gestudeerd en daarna seksuologie. Vorig jaar begon ik met een doctoraatsthesis, die ik overnam van een medestudente. Het is een uitgebreid onderzoek naar gewichtstoename bij zwangere vrouwen: als ze teveel zijn bijgekomen tijdens de zwangerschap, behouden ze die kilo’s soms na de geboorte. Eén op de drie mama’s ziet hun gewicht toenemen en de helft geraakt dat gewicht niet volledig kwijt. We onderzoeken in hoeverre dat een probleem kan vormen voor een nieuwe kinderwens en zwangerschap, en of het de oorzaak kan zijn van verwikkelingen. Mama’s krijgen bijvoorbeeld apps waarmee ze hun gewicht kunnen opvolgen. We proberen op die manier vrouwen te begeleiden naar een gezonde levensstijl en kijken of we kunnen helpen om de overtollige kilo’s kwijt te geraken. De studie zelf is al meer dan een jaar aan de gang, het zal nog geruime tijd duren voor het onderzoek afgerond is.”

Heb je ook als vroedvrouw gewerkt?

Stefanie: “Ja, drie jaar. De zorgsector sprak me erg aan, vooral de zorg voor moeders. Ik ben gefascineerd door de intimiteit van het geboorteproces. Mijn eerste bevalling zal ik nooit vergeten: mij raakte vooral de emotionele band en het vertrouwen tussen vroedvrouw en moeder. Dat vertrouwen moet je op korte tijd opbouwen én verdienen door zoveel mogelijk info te geven. Je hebt eigenlijk twee levens in handen. Het zijn geen patiënten, geen zieke mensen, het is een totaal andere invalshoek. Als alles normaal verloopt, is het een vreugdevolle en ontroerende belevenis.”

Maar niet altijd, toch?

Stefanie: “Soms is een kind niet echt gewild; dat voel je meteen aan. Bij een ongewenste zwangerschap, bijvoorbeeld. Ik heb eens meegemaakt dat een jonge vrouw er zich niet bewust van was dat ze zwanger was. Heel vreemd, maar het gebeurt. Ze kloeg over buikpijn en uiteindelijk bleek ze zwanger. Haar lichaam negeerde die signalen. In zo’n geval is er zeker psychologische bijstand nodig en soms moeten we dan een adoptie opstarten. Een kindje dat dood geboren wordt, is ook moeilijk: dan heb je het team en de artsen echt wel nodig om zelf steun te kunnen geven.”

Mijn eerste bevalling zal ik nooit vergeten

Wat is het moeilijkste aspect aan dat beroep?

Stefanie: “Je mag je werk niet meer naar huis nemen. Dat lukt niet altijd. Maar de mooie facetten van het beroep maken alles goed. Je bevindt je aan het begin van het leven en staat heel dicht bij de mensen. Je maakt éven deel uit van het gezin, dat schept een band die veel voldoening geeft. En je krijgt ook zoveel terug van die mama’s.”

Gebeurt het nog dat bevallingen alleen door een vroedvrouw worden uitgevoerd?

Stefanie: “In regionale ziekenhuizen gebeurt dat nog wel. En als de gynaecoloog om de een of andere reden te laat is, doen we het ook wel eens alleen. We kunnen een arbeid tot een goed einde brengen, we zijn er tenslotte voor getraind.”

Je bent zelf nog geen mama: gaat de biologische klok niet tikken?
Stefanie: “Ik wil wel kinderen, maar alles op zijn tijd. Ik heb een vriend, maar kinderen krijgen is nog wat anders. Emotioneel spreekt het me wel aan, maar ik heb nog niet direct zin in het moederschap. Als seksuoloog en vroedvrouw heb ik alvast heel wat medische kennis en ervaring opgedaan, dat is meegenomen voor later.”

Wat wil je doen als je met je doctoraat klaar bent?
Stefanie:
“Ik denk in de richting van het onderwijs, toekomstige vroedvrouwen begeleiden zou ik wel zien zitten. Alsmaar méér vroedvrouwen vinden geen job. Maar ik kan ook mijn job als seksuoloog weer opnemen, dat heb ik vorig jaar enkele maanden gedaan en dat liep goed.”

Je bent nog jong, word je dan wel als seksuoloog geaccepteerd?

Stefanie: “Soms was dat moeilijk. Patiënten hebben al een drempel moeten overschrijden door naar een seksuoloog te stappen en dan kan het een verrassing zijn dat er een jong iemand tegenover hen zit. Ik peil in zo’n geval naar de reden waarom ze mijn leeftijd een probleem vinden en krijg dan meestal wel een aanknopingspunt. Ik begeleidde vooral mensen met een transgenderproblematiek, dat is bijzonder boeiend, maar ook zwaar. Meestal ging het om mensen die twijfelden: wil ik wel van geslacht veranderen? Mensen moeten er echt wel klaar voor zijn. Als ze beslist hebben om een operatie te laten doen, hebben ze nood aan psychologische begeleiding, zeker na de operatieve ingreep. Soms heb je ook een man die vrouw wil worden of omgekeerd, zonder een geslachtsoperatie: dan kan de seksuoloog raad geven om zich als iemand van het andere geslacht te gedragen.”

(Tekst: Jan Van Rompaey)

Ons ziekenhuis is een dorp in de stad. Jan Van Rompaey trekt met de regelmaat van de klok naar de koffieshop van campus Gasthuisberg. Om er te luisteren naar gewone en bijzondere verhalen van mensen die hier passeren. Op goed geluk spreekt hij hen aan, zelden weigeren ze een gesprek.

Graag meer lezen?

Alle verhalen uit Dorp in de stad van de voorbije jaren vind je hier.

Bekijk alle verhalen
Laatste aanpassing: 1 september 2021