Overzicht

In 2025 werden in UZ Leuven 388 organen getransplanteerd of 31,2% van alle getransplanteerde organen in België. 

UZ Leuven is daarmee het grootste van de 8 transplantatiecentra in België.

Van de 115 niertransplantaties waren er 23 via levende donatie. Er werden in totaal 152 longen getransplanteerd tijdens 76 dubbele longtransplantaties. Er vonden ook 88 levertransplantaties, 27 harttransplantaties, 4 pancreastransplantaties en 2 dunnedarmtransplantaties plaats.

Bij de meeste ontvangers werd 1 orgaan getransplanteerd. 14 patiënten kregen een gecombineerde transplantatie van 2 organen, en bij 2 andere transplantaties werden er telkens 3 organen getransplanteerd. In totaal werden in UZ Leuven dus 16 gecombineerde orgaantransplantaties uitgevoerd of 50% van alle gecombineerde transplantaties in België. 

In 2025 zorgde UZ Leuven voor de helft van alle gecombineerde transplantaties in België – een cijfer dat de complexiteit en onze gespecialiseerde zorg weerspiegelt.
Wij willen onze warme dank uitdrukken voor het respectvolle werk van de LSGO-partnerziekenhuizen ten aanzien van de vele donoren en hun families.

Donoren

In 2025 werden er vanuit de samenwerkende LSGO-ziekenhuizen in totaal 280 potentiële donoren aangemeld, dat is een stijging van 27,9% in vergelijking met 2024. Dat resulteerde in 138 effectieve donoren, een stijging van 32,7%. 

Het aandeel donoren dat bij UZ Leuven werd aangemeld en ook effectief donor werd in 2025 bedraagt dus 49,3%, wat ongeveer 10% hoger is dan het nationale gemiddelde (39,9%).

Dankzij de gift van donoren en hun families en de inzet van honderden medewerkers kunnen onze patiënten uitkijken naar een leven in toegevoegde tijd.

Dynamische orgaanpreservatie

Dynamische preservatietechnieken zijn onder te verdelen in twee categorieën:

  • Bij de in situ dynamische bewaartechniek worden verschillende organen gelijktijdig in het lichaam van de donor geperfundeerd en van zuurstof en voedingsstoffen voorzien. Deze techniek werd wegens ethische bezorgdheden tijdelijk gestaakt in UZ Leuven.
  • Bij de ex situ dynamische bewaartechniek wordt het orgaan geïsoleerd en buiten het lichaam geperfundeerd. In 2025 werd deze techniek in UZ Leuven succesvol toegepast op het hart, de longen, de lever en de nieren.

Dunnedarmtransplantatie

UZ Leuven is het enige ziekenhuis in België waar dunnedarmtransplantaties gebeuren. In 2000 werd het zorgprogramma gestart, als eerste in de Benelux. Sindsdien kregen al 34 patiënten een dunnedarmtransplantatie, waaronder 5 kinderen.

Deze ingrepen zijn technisch heel complex en vergen ervaring met zeldzame aandoeningen. Het gaat vaak om mensen bij wie de darmen niet meer functioneren, die volledig afhankelijk zijn van voeding via infuus en waarbij klassieke behandelingen (zoals een aangepast dieet, medicatie of een chirurgische reconstructie van de eigen darm) niet succesvol zijn. Dankzij een gespecialiseerde aanpak kan UZ Leuven deze patiënten toch een toekomstperspectief bieden.

Het aantal potentiële kandidaten blijft toenemen, mede dankzij steeds meer verwijzingen uit andere nationale en internationale centra. 

Toch blijft dunnedarmtransplantatie zeldzaam. In 2025 vonden er 2 dunnedarmtransplantaties plaats, dat aantal is stabiel in vergelijking met de voorbije jaren. In beide gevallen ging het om een multiviscerale ingreep, waarbij de patiënt meerdere organen uit de buikholte tegelijk ontvangt (lever, maag, dunne darm en pancreas).

De 5-jaarsoverleving na een darmtransplantatie in UZ Leuven bedraagt 72%, dat is beter dan de gemiddelde gerapporteerde resultaten van andere internationale centra (54%).

Levertransplantatie

In 2025 werden er 88 levertransplantaties uitgevoerd in UZ Leuven en waren er in totaal 1.083 patiënten in actieve opvolging na een levertransplantatie.

De trend richting DCD-donoren zet zich verder door: in 2025 had 67% van alle levertransplantaties een DCD-donor. Dankzij machineperfusie en -bewaring worden complicaties verminderd en stijgt het aantal geschikte donorlevers.

Bijna 80% van de levertransplantaties gebeuren bij patiënten ouder dan 50 jaar. Het aantal 70-plussers die een donorlever krijgen, blijft stijgen: in 2025 ging het om 22% van alle levertransplantaties, tegenover 15% in 2024. Ook de leverdonoren worden steeds ouder; zelfs 80-plussers kunnen in aanmerking komen. Ondanks de stijgende leeftijd van donoren en ontvangers, blijven de overlevingsresultaten zeer goed.

80% van de patiënten was 5 jaar na levertransplantatie nog in leven, dat is hoger dan de Belgische en Europese gemiddeldes. Bij 70-plussers is de 5-jaarsoverleving nog ongeveer 70%.

Eind 2025 stonden er in België 145 patiënten op de actieve wachtlijst voor een levertransplantatie, waarvan 46,2% (67 patiënten) in UZ Leuven. De toewijzing is in de eerste plaats gebaseerd op medische urgentie: de meest ziekte patiënten krijgen prioriteit. Sinds 2025 wordt hiervoor binnen Eurotransplant de 'natrium-MELD'-score gebruikt, een aanpassing van de klassieke MELD-score (Model for End stage Liver Disease), die beter de ernst van leverlijden weergeeft.

Verder werd in 2025, op basis van internationale studies, een nationaal protocol ontwikkeld voor levertransplantatie bij patiënten met uitzaaiingen in de lever als gevolg van een colorectale tumor. De eerste transplantaties volgens de strikte criteria binnen dit protocol zijn gebeurd en de resultaten worden nauwgezet opvolgd op nationaal niveau.

Succespercentage

Het overlevingspercentage van patiënten na een levertransplantatie in UZ Leuven (rode lijn) ligt substantieel hoger dan het gemiddelde in België (blauwe lijn) en binnen Eurotransplant (groene lijn).

UZ Leuven is het grootste levertransplantatiecentrum in België en één van de grotere centra binnen onze Eurotransplantzone.

Bron grafiek: Eurotransplant

Niertransplantatie

In 2025 werden 115 niertransplantaties uitgevoerd, dat is een gelijkaardig aantal als in de vorige jaren. Ook op nationaal niveau blijft het aantal niertransplantaties stabiel, waardoor de wachtlijst helaas groot blijft.

Opnieuw was er een lichte stijging in het aantal niertransplantaties met een levende donor: 23 in 2025, in vergelijking met 21 in 2024. 

In 3 gevallen ging het om een bloedgroep-incompatibele levende nierdonatie, die mogelijk is dankzij een speciale techniek waarbij eerst specifieke antistoffen uit het bloed van de ontvanger worden weggefilterd.

Binnen Eurotransplant werd er gewerkt aan het verbeteren van de toewijzing van donororganen aan mensen op de wachtlijst. Zo werd o.a. het toewijzingssysteem verfijnd zodat kandidaten met of zonder weefselantistoffen een vergelijkbare wachttijd krijgen.

Pancreastransplantatie

Een pancreastransplantatie is complex, omdat het vaak om mensen met diabetes én nierproblemen gaat. Dankzij goede samenwerking tussen artsen en verpleegkundigen verlopen deze ingrepen steeds beter, met meer comfort voor de patiënt. 

Na een pancreastransplantatie hoeven deze patiënten vaak geen insuline meer toe te dienen.

In 2025 voerde UZ Leuven 4 pancreastransplantaties uit, dat waren allemaal gecombineerde transplantaties met minstens 1 ander orgaan. In 2 gevallen ging het om de combinatie van pancreas en nier, in 2 andere gevallen om een gecombineerde pancreas-, lever- en dunnedarmtransplantatie.

Buikwandtransplantatie

In 2020 werd in UZ Leuven de eerste buikwandtransplantatie uitgevoerd door middel van een nieuwe techniek: de niet-gevasculariseerde abdominale rectus fascia transplantatie (NVRF). Dit om patiënten met een open buik te kunnen helpen.

Hierbij wordt een buikwandgreffe van een overleden donor gebruikt, bestaande uit peesbladen en buikvlies, zonder spieren of huid. De greffe wordt zonder bloedvoorziening bij de ontvanger ingeplant en opnieuw doorbloed via nieuwgevormde bloedvaten van de ontvanger.

In de eerste fase werd de techniek met succes toegepast bij complexe orgaantransplantaties zoals een multiviscerale ingreep.

In proefdieronderzoek aan de KU Leuven werd aangetoond dat de greffe ook zonder immuunsuppressie goed kan ingroeien en niet afstoot. Op basis daarvan werd de nieuwe methode in 2024 voor het eerst bij patiënten gebruikt buiten de context van orgaantransplantatie, voor herstel van grote en complexe buikwandproblemen.

In 2025 kende het programma een sterke groei: het aantal uitgevoerde buikwandtransplantaties steeg en ook het toepassingsgebied werd groter. Naast herstel van de buikwand, werd de techniek intussen ook al succesvol gebruikt ter herstel van het middenrif, een hartzakje, de borstkaswand, een luchtweg en het perineum.

Tot eind 2025 werden 47 buikwandtransplantaties uitgevoerd, met goede resultaten en zonder tekenen van afstoting. Alle patiënten worden langdurig opgevolgd via beeldvorming en bloedonderzoek.

Harttransplantatie

In 2025 voerde UZ Leuven 27 harttransplantaties uit, daarmee lijkt het aantal terug gestabiliseerd vergeleken met de voorbije jaren. 1 daarvan was een gecombineerde hart-niertransplantatie en 1 was een gecombineerde hart-levertransplantatie. 

Net zoals in 2024 was er een verdere stijging van het aantal DCD-donoren (circulatiestilstand) dankzij het gebruik van betere bewaartechnieken via machineperfusie. In 2025 waren er voor het eerst meer DCD- dan DBD-donoren (hersendood): respectievelijk 16 tegenover 11.

De gemiddelde wachttijd op een donorhart was met 112 dagen in 2025 opvallend korter dan in de vorige jaren. Dat komt enerzijds door het recordaantal harttransplantaties in 2024 dat een groot deel van de wachtlijst heeft kunnen wegwerken, en anderzijds door een uitzonderlijke toegang tot machine-perfusietoestellen, waardoor we meer geschikte DCD-donorharten konden transplanteren.

Steeds meer mensen met een aangeboren hartafwijking komen op de wachtlijst, waaronder ook veel kinderen en jongeren. Vaak ondergingen zij vooraf al meerdere cardiale ingrepen, wat de complexiteit van de transplantatie vergroot. Bij 4 harttransplantaties in 2025 (15%) was de patiënt 16 jaar of jonger.

De overlevingscijfers zijn uitstekend: voor de periode 2016-2025 bedroeg de 5-jaarsoverleving 95,4%.

Longtransplantatie

In 2025 voerde UZ Leuven 76 longtransplantaties uit, allemaal dubbelzijdig. Dat is het hoogste aantal sinds 2012 en goed voor 65% van alle longtransplantaties in België. UZ Leuven blijft hiermee nationale koploper en behoort tot de top 10 grootste longtransplantatiecentra in Europa.

De gemiddelde leeftijd van alle patiënten die een longtransplantatie kregen in 2025 was 58,3 jaar. Bij 41 longtransplantaties (54%) was de ontvanger ouder dan 60 jaar.

Bij 28 longtransplantaties (36,8% of meer dan 1 op de 3) werden de donorlongen na uitname bewaard op een constante temperatuur van 6-8°C (controlled hypothermic storage, CHS), in plaats van op ijs. Dat maakt het mogelijk om de transplantatie overdag in te plannen, wat een rustiger verloop en betere voorbereiding toelaat. In 2025 werd hierbij voor het eerst in Europa een nieuw bewaarsysteem gebruikt dat ook de intra-pulmonale druk stabiel houdt, zodat de longen veilig via het vliegtuig getransporteerd kunnen worden.

De overlevingsresultaten blijven zeer goed: meer dan 80% van de patiënten was 3 jaar na de transplantatie nog in leven. Dat is beter dan de Belgische en Europese gemiddeldes.

Sinds de invoering van het CHS-systeem zijn er geen nachtelijke longtransplantaties meer nodig, wat heel wat voordelen heeft.

Tracheatransplantatie

Een tracheatransplantatie is een ‘composite tissue allotransplantatie’ die is ontwikkeld om defecten van de luchtpijp te herstellen die niet met de conventionele middelen te behandelen zijn. 

Een belangrijk aspect is de mogelijkheid tot het afbouwen van de immunosuppressieve medicatie.

Zowel het experimentele als het klinische luik werden ontwikkeld in UZ Leuven, het enige centrum in België waar tracheatransplantaties plaatsvinden. 

In 2025 gebeurde de eerste tracheale allotransplantatie in een buitenlands centrum (Nijmegen, Nederland) volgens het Leuvense protocol en in nauwe samenwerking met UZ Leuven.

Transplantaties bij kinderen

Het programma voor pediatrische orgaantransplantatie in UZ Leuven omvat nier-, lever- en darmtransplantatie en wordt voornamelijk ondersteund door de afdelingen kindernefrologie, dialyse en orgaantransplantatie.

Sinds 2023 heeft het programma een significante groei doorgemaakt met een recordaantal transplantaties. Het is nu het grootste pediatrische nier- en multiviscerale transplantatiecentrum in België. 

  • In 2025 gebeurden er 4 niertransplantaties bij kinderen. We bereikten met trots de mijlpaal van 200 niertransplantaties sinds de oprichting van het pediatrische programma. Er staan begin 2026 nog 4 kinderen op de wachtlijst voor een niertransplantatie.
  • In 2025 waren er geen levertransplantaties bij kinderen. Daarmee blijft het totaal op 55 pediatrische levertransplantaties (<18 jaar) sinds de start van het programma. Begin 2026 staan er wel 3 kinderen op de wachtlijst voor een lever- of gecombineerde lever-niertransplantatie.
  • In 2025 waren er ook geen dunnedarmtransplantaties bij kinderen. Daarmee blijft het totaal op 4 dunnedarm(-lever)transplantaties bij kinderen in UZ Leuven. Er staan momenteel geen jonge patiëntjes op de wachtlijst.

De overlevingsresultaten zijn in UZ Leuven bijzonder goed bij zeer jonge patiënten (0-15 jaar). Een strategische doelstelling van het programma is het verder verleggen van de grenzen om niertransplantatie ook mogelijk te maken bij zeer jonge en kleine kinderen (<15 kg). Hiertoe wordt samengewerkt met andere Belgische en internationale centra.

Het programma volgt ook actief strategieën om het aantal levende nierdonoren en preëmptieve niertransplantaties (waarbij de transplantatie gebeurt vóórdat de patiënt intensieve dialyse nodig heeft) te verhogen. In 2025 bedroeg het aantal levende donaties 50% (ten opzichte van 24% in de voorgaande jaren) en de preëmptieve transplantaties 75% (ten opzichte van 13%). 

Pediatrische transplantatie heeft niet alleen fysieke, maar ook emotionele en psychologische gevolgen voor de kinderen. Het waarborgen van therapietrouw blijft een uitdaging. Daarom ontwikkelen we uitgebreide ondersteuningsprogramma’s voor pediatrische transplantatiepatiënten en hun families.

 

Weefsel- en cellenbanken

Het activiteitencentrum Biobanking UZ/KU Leuven bestrijkt verschillende activiteiten met als doel het beheer van menselijk lichaamsmateriaal voor therapeutische toepassing bij de mens of voor wetenschappelijk onderzoek. 

De therapeutische toepassingen worden verzorgd door de zes weefsel- en cellenbanken:

  • bank van het locomotorisch stelsel: in 2025 werden 2.470 bot- of weke weefsels gebruikt
  • bank voor huid: in 2025 werd 67.994 cm² donorhuid gebruikt
  • bank voor placentaire vliezen: in 2025 werden 4.129 cm² placentaire greffen gebruikt voor dermatologische toepassingen
  • bank voor oftalmische (oog) weefsels: in 2025 werden weefsels afgeleverd voor 272 heelkundige interventies
  • navelstrengbloedbank: in 2025 werden 6 navelstrengbloedstalen verzonden naar andere (inter)nationale transplantatiecentra
  • hematopoïetische stamcellenbank: in 2025 werden 158 stamceltransplantaties voorbereid

Het activiteitencentrum zorgt voor het nakomen van de wettelijke vereisten, het ontwikkelen en bestendigen van de expertise, de dienstverlening en samenwerking rond het doneren, wegnemen, verwerken, bewaren en gebruiken van het menselijk lichaamsmateriaal, en het uitdragen van een respectvolle omgang met de donor en met het materiaal.

Weefsel- en cellentransplantatie vormt een groep van unieke behandelingen die UZ Leuven, binnen de domeinen waarin het erkend is door de overheid, verder wenst te optimaliseren, zodat elke patiënt die het nodig heeft hierdoor kan geholpen worden. Deze behandelingen zijn meestal niet levensreddend, in tegenstelling tot orgaandonatie, maar hebben als doel het verhogen van de levenskwaliteit.

Stamceltransplantatie

Stamceltransplantatie is een behandeling voor levensbedreigende aandoeningen, zoals leukemie, bepaalde lymfomen of plasmacelaandoeningen. De therapie maakt het mogelijk om een hogere dosis chemo- en radiotherapie toe te dienen of om zieke stamcellen te vervangen door gezonde stamcellen.

Afhankelijk van de aandoening en het behandeldoel, kunnen eigen stamcellen van de patiënt worden gebruikt (autologe transplantatie) of stamcellen van een donor (allogene transplantatie). 

In 2025 werden in UZ Leuven in totaal 146 stamceltransplantaties uitgevoerd. Bij 49 patiënten, onder wie 12 kinderen, gebeurde dit met eigen stamcellen. 97 patiënten (ongeveer tweederde), onder wie 12 kinderen, kregen een transplantatie met donorcellen. 

Bij een allogene transplantatie wordt eerst nagegaan of er binnen de directe familie een geschikte donor beschikbaar is. Een goede overeenkomst tussen donor en patiënt op het vlak van HLA-kenmerken is essentieel om het risico te beperken dat de afweercellen van de donor gezonde weefsels van de patiënt aanvallen. Tussen broers en zussen bestaat er 1 kans op 4 om een volledig identieke donor te vinden. Dankzij wetenschappelijk onderzoek en de ontwikkeling van geneesmiddelen die afstotingsreacties beperken, kunnen vandaag ook half-identieke familieleden, zoals ouders of kinderen, als donor optreden.

Wanneer binnen de familie geen geschikte donor wordt gevonden, kan een zoektocht worden gestart in nationale en internationale donorregisters. Zo kan voor veel patiënten alsnog een passende onverwante donor worden gevonden.

UZ Leuven kreeg in 2025 voor de derde keer opnieuw de internationale JACIE-accreditatie voor stamceltransplantatie.

In 2026 zal ons centrum het 50-jarig bestaan van het programma stamceltransplantatie vieren.

Laatste aanpassing: 4 november 2026