Diabetes en voeding

Voeding, lichaamsbeweging en orale antidiabetica of de insulinedosis moeten goed op elkaar afgestemd zijn om het bloedsuikergehalte zo normaal mogelijk te houden.

Gezond eten

Gezond eten betekent dat de voeding evenwichtig moet samengesteld zijn, aangepast aan de specifieke behoeften van het lichaam. De hoeveelheid calorieën die u nodig hebt, is afhankelijk van uw leeftijd, geslacht en lichaamsbeweging. Als u evenveel calorieën opneemt als u verbruikt, dan blijft uw gewicht op peil; indien u meer eet dan u verbruikt verdikt u dus. Of u nu weinig of veel energie nodig hebt, de aanbreng van deze energie moet evenwichtig verdeeld zijn. Dit betekent dat de koolhydraten, vetten en eiwitten, in een correcte verhouding moeten aangebracht worden.

Koolhydraten

De koolhydraten hebben een invloed op het suikergehalte in het bloed. Er zijn twee soorten koolhydraten naargelang de snelheid van opname in het bloed. Er zijn enerzijds de snel resorbeerbare (vb. (druiven)suiker, frisdrank, snoep,…) en anderzijds de traag resorbeerbare (vb. fruit, brood, rijst, aardappelen, deegwaren,…) koolhydraten. Om het bloedsuikergehalte zo normaal mogelijk te houden, gebruikt u best de laatstgenoemde groep, omdat de glucose dan beetje bij beetje in het bloed terecht komt.

Vetten

Vetten hebben geen invloed op de suikerregeling, maar zijn wel oorzaak nummer één van een te grote energie-inname en spelen een rol in het ontstaan van hart- en vaatziekten. Wanner we de energie van de vetten niet dadelijk nodig hebben, wordt deze opgeslagen in vetkussentjes.

Eiwitten

Eiwitten hebben geen invloed op de bloedsuikerspiegel. Er zijn 2 soorten eiwitten, plantaardige (granen, peulvruchten, groenten, aardappelen,…) en dierlijke (vlees, vis, gevogelte, melk, ei, kaas,…). De dierlijke eiwitten hebben de beste kwaliteit, maar bevatten vaak ook veel vet. Daarom is het aangewezen om magere dierlijke eiwitbronnen (gevogelte, vis) te kiezen.

Zout en vezels

Verder zijn de hoeveelheid zout en vezels belangrijk in een gezond voedingspatroon. Zout is, van nature of industrieel toegevoegd, al voldoende aanwezig in uw voeding. Matig dus uw gebruik van zout als u zelf kruidt en geef de voorkeur aan andere kruiden voor het op smaak brengen van gerechten.

Voedingsvezels zorgen voor een goede darmwerking, zodat er geen problemen zoals diarree of constipatie optreden, en zorgen er voor dat de koolhydraten uit de maaltijd vertraagd opgenomen worden. Voedingsmiddelen die veel vezels bevatten zijn grof brood, volkoren graanproducten, peulvruchten, groenten en vers fruit.
Het uitgangspunt van de voeding bij diabetes is een gezonde voeding met veel traag opneembare koolhydraten, weinig vet en een matige hoeveelheid aan eiwitten.

Type 2 diabetes en overgewicht

Type 2 diabetes (niet-insuline afhankelijke diabetes) gaat meestal gepaard met overgewicht. Hier is in de eerste plaats een vermageringsdieet aangewezen. Door te vermageren zullen de weefsels terug gevoeliger worden voor de nog aanwezige insuline in het lichaam. Bij type 1 diabetes (insuline-afhankelijke diabetes) wordt er insuline toegediend. Deze insuline is nodig om de glucose die in het bloed komt na een maaltijd in de lichaamscellen op te nemen. Deze vorm van diabetes gaat niet gepaard met overgewicht, zodat er doorgaans geen vermageringsdieet nodig is, maar wel een evenwichtige gezonde voeding.

Het dieet voor een diabetespatiënt moet dus evenwichtig zijn samengesteld en voldoen aan de specifieke behoeften van het lichaam. Bovendien moet de voeding worden afgestemd met de specifieke behandeling van de individuele patiënt. Het is daarom aangewezen een diëtist te raadplegen die samen met u een persoonlijk voedingsplan opstelt.

Brochure over diabetes en voeding

PDF
Laatste aanpassing: 5 augustus 2020