Symptomen

Het virus kan jaren sluimerend aanwezig zijn zonder dat u er iets van merkt. Zelden leidt hepatitis C besmetting tot een acute leverontsteking. 

Hepatitis C veroorzaakt vaak vage klachten:

  • Vermoeidheid
  • Misselijkheid
  • Spijsverteringsstoornissen
  • Verminderde eetlust
  • Gewrichtspijn
  • Gedeprimeerd gevoel

Hebt u last van deze klachten? Laat uw huisarts een bloedtest uitvoeren voor hepatitis C.

Chronische infectie

  • In 80% van de gevallen treedt er na besmetting een chronische infectie op.
  • Virus blijft minstens 6 maanden in het lichaam.
    • 20% van deze groep blijft zonder actieve ziekte.
    • 80% ontwikkelt een actieve chronische hepatitis.
  • Zeldzaam worden andere organen buiten de lever aangetast.

Gevolg van hepatitis C besmetting: vasculitis aan onderste ledematen ten gevolge van cryoglobulinemie
Extra hepatische manifestatie van HCV infectie: vasculitis aan onderste ledematen ten gevolge van cryoglobulinemie.

Chronische hepatitis leidt tot cirrose

Chronische actieve hepatitis C leidt bij 20% van de patiënten tot cirrose en nadien kan er zich een primaire leverkanker ontwikkelen.

Besmetting

  • Er bestaat geen vaccin tegen hepatitis C.
  • Geen besmettingsgevaar bij normaal sociaal contact .
  • Besmetting met hepatitis C virus enkel via contact met besmet bloed.
  • Overdracht van moeder op kind bij ongeveer 2%.

Bloeddonoren worden in België streng gecontrolleerd. Daardoor is het risico om hepatitis C te krijgen via een bloedtransfusie in deze landen zo goed als onbestaande.

Risico's

  • Uitwisselen van naalden (bvb. bij drugsgebruik)
  • Plaatsen tatoeages en piercings
  • Prikaccidenten

Voorzorgsmaatregelen voor familieleden van patiënten met hepatitis C.

  • Vermijd contact met bloed of wondjes
  • Deel geen scheergerief, tandenborstels of handdoeken

Partners: seksuele overdracht van het virus treedt zelden op in een stabiele heteroseksuele relatie. Er is wel een probleem bij homoseksuele contacten bij HIV+ patiënten.

Behandelingen

Na de diagnose kiest uw arts, samen met u en de andere artsen van het team, de beste oplossing voor u. Uw behandeling kan dus afwijken van de hieronder voorgestelde therapie(ën).

  1. Terugbetalingscriteria

Vóór 1 januari 2019 kon alleen een patiënt met een tussenliggende of gevorderde graad van leverlittekens (geattesteerd met een METAVIR-leverfibrosescore van F2, F3 of F4) of een patiënt met risicofactoren op ziekteprogressie (bv. co-infectie met hepatitis C / HIV-infectie, co-infectie met hepatitis C / hepatitis B, orgaantransplantatie, …) ongeacht hun stadium van leverfibrose, terugbetaling krijgen.

Vanaf 1 januari 2019 komen patiënten met een lager stadium van leverschade ook in aanmerking.  De betrokken geneesmiddelen zullen dus terugbetaald zijn voor alle patiënten met hepatitis C, zelfs als de ziekte nog in een pril stadium is.

  1. Soorten antivirale therapieën

De keuzes en duur van de therapie worden bepaald door verschillende factoren zoals:

  • Cirrose of niet
  • Genotype

Bekijk EASL richtlijnen 2018 (pdf)

Opgelet: Tijdens het nemen van deze antivirale medicatie moet de dosis van sommige andere medicaties worden aangepast of gestopt.

U vindt hierover meer informatie op http://www.hep-druginteractions.org/

Onderzoeken en diagnose

Bij (vermoeden van) deze aandoening voeren we een of meerdere onderzoeken uit.

  • Bloedanalyses voor hepatitis C-virus RNA, hepatitis C-virus genotype en ALT