Doodgeboorte

Perinatale sterfte
De baby overlijdt tijdens zwangerschap, of de baby overlijdt in de eerste 7 dagen na de geboorte.

Diagnose

De diagnose van overlijden in mama’s buik wordt definitief gesteld door middel van een echografie. De gynaecoloog en vroedvrouw zorgen voor de eerste emotionele opvang.

De arts zal de ouders uitleg geven over de echografische bevindingen en over het verdere verloop. De arts bespreekt met de ouders of verdere onderzoeken zoals genetische testen of onderzoeken van de baby en/of op de moederkoek nodig zijn om de oorzaak van dit overlijden te kunnen achterhalen. Dit gebeurt mits toestemming van de ouders.

Oorzaak

Ondanks uitgebreid onderzoek naar de doodsoorzaak blijft de oorzaak van de sterfte soms onbegrepen. Het kennen van de oorzaak van de sterfte helpt de ouders in het rouwproces en is van belang voor het bepalen van een eventueel herhalingsrisico.

Verloop

Er wordt een datum besproken voor inleiding van een bevalling. Een vaginale bevalling verdient de absolute voorkeur. Na het vaststellen van het overlijden kan uiteraard ook een korte periode gewacht worden voordat de bevalling wordt ingeleid.

Tijdens de opnamedag komen de gynaecoloog langs op bevallingskwartier. Naast de vroedvrouwen en het medisch team van deze dienst zijn er nog andere hulpverleners die kunnen langskomen om de ouders verder te helpen.

De sociaal werker neemt praktische zaken zoals het regelen van een crematie/begraving op zich. De casemanager, die mevrouw/het koppel vaak al van tevoren kent, overloopt de dag en kan vragen van allerlei aard beantwoorden.De sociaal werker staat stil bij de emotionele impact van dit verlies en bespreekt ook sociaal – administratieve items die gepaard gaan met dit overlijden (bv crematie/begraving, vragen rond werksituatie, …) Een pastor kan langskomen indien het koppel een afscheidsritueel wenst. Dit kan met of zonder enige religieuze symboliek. Indien er nood of vraag is naar extra emotionele ondersteuning, is er eveneens een psycholoog ter beschikking.

Ook na de eigenlijke geboorte wordt er zoveel mogelijk rekening gehouden met de wensen van de ouder(s). Wensen zij de baby te zien/vast te houden? Hadden zij graag een bepaalde zegening gehad? De vroedvrouw en arts staat het koppel van nauw bij en kan de ouder(s) in deze moeilijke, intense momenten ondersteunen. Ouders krijgen ook een herinneringsdoos; een tastbaar en persoonlijk aandenken aan hun baby.

De patiënte verblijft na de bevalling minstens één nacht in het ziekenhuis. Hier kan de partner ook verblijven.

Indien de oorzaak van de afwijking van de baby niet of onvolledig gekend is en mits akkoord van de ouders, zullen er nadien ook nog onderzoeken bij de baby/moederkoek volgen om hier meer inzicht in te krijgen.

De begeleiding loopt verder nadat je het ziekenhuis verlaat. Er wordt een afspraak gemaakt bij uw gynaecoloog voor een nacontrole na 3-4 weken. Indien er onderzoeken werden uitgevoerd, plannen we ongeveer 8 weken na de bevalling een gesprek bij de dokter in om de resultaten hiervan te bespreken.

Het verloskundig team staat het koppel nauw bij tijdens deze moeilijke periode.

Bij ontslag uit het ziekenhuis zal men de huisarts en indien gewenst een vroedvrouw aan huis contacteren voor de opvolging thuis.

Nazorg

Een aantal weken na de bevalling wordt er een controleafspraak bij de (verwijzende) gynaecoloog voorzien.

Als er onderzoeken werden uitgevoerd, plannen we ongeveer 8 weken na de bevalling een gesprek bij de dokter in om de resultaten hiervan te bespreken.

Contact

Laatste aanpassing: 26 maart 2020