Vraag uw arts of zorgverlener naar het hoe en waarom en het verloop van een behandeling of ingreep. Informeer ook hoe u zich moet voorbereiden (bijvoorbeeld nuchter blijven). Geef aan als iets niet duidelijk is of als u ergens over twijfelt. Als u nog vragen hebt nadat de arts is langsgekomen, schrijf ze dan op zodat u ze kunt vragen bij het volgende bezoek.

Vraag een familielid om mee te komen als u uitleg krijgt over uw diagnose, testresultaten, uw behandelplan of uw ontslag. Zo voorkomt u dat u belangrijke dingen vergeet.

Signaleer het als iets anders lijkt dan u verwachtte of verteld was. Vertel de zorgverlener hoe u zich voelt. Vraag wat u wel of niet mag doen en hou u aan de afspraken die u met de zorgverlener maakte over uw behandeling. Ook als u plots veranderingen vaststelt die u vreemd lijken (bijvoorbeeld plots bloedverlies aan een wonde), bespreekt u dat best meteen met uw zorgverlener.

Geef uw zorgverlener alle informatie over uw gezondheidstoestand, mogelijke allergieën en de medicatie die u gebruikt.