Wat is het?

CMV of cytomegalovirus is een virus dat ongevaarlijk is voor de zwangere vrouw. Voor de ongeboren baby kan deze infectie echter wel ernstige gevolgen hebben. Het is de meest frequente oorzaak van doofheid en/of mentale stoornissen bij de pasgeborene.

Een besmetting tijdens de zwangerschap treedt op in ongeveer 2% van alle zwangerschappen. Bij 30% van de zwangere vrouwen die geen antistoffen hebben (seronegatief) gaat de besmetting doorheen de placenta tot bij de baby. Ongeveer de helft van de vrouwen heeft wel antistoffen voor dit virus (seropositief). In deze groep is er maar 0,15% kans dat de infectie doorheen de placenta gaat.

CMV wordt enkel overgedragen door direct contact met besmet lichaamsvocht (speeksel, urine, traanvocht,…). Heel wat jonge kinderen zijn ermee besmet en het wordt dus snel overgedragen. Daarom zijn vooral moeders met jonge kinderen, kinderverzorgsters en kleuterleidsters een risicogroep.

Symptomen en onderzoeken

Een CMV-infectie bij een zwangere vrouw verloopt vaak zonder enige klacht. In sommige gevallen kan het een griepachtig beeld geven: vermoeidheid, lichte koorts, spierpijn, verkoudheid of gezwollen klieren.

Om te weten of het virus werd overgedragen naar de baby kan een vruchtwaterpunctie rond 20 à 22 weken zwangerschapsduur uitgevoerd worden.

Als het virus de ongeboren baby bereikt, heeft dit in 10% van de zwangerschappen wel gevolgen: een laag geboortegewicht, te kleine hoofdomtrek, vergrote lever en/of milt, oogafwijkingen. Deze symptomen zijn via een gespecialiseerd echografisch onderzoek op te sporen.

Wanneer een kind bij de geboorte symptomen vertoont, is er een hoge kans (90-95%) op blijvende letsels op lange termijn. Het gaat hier dan vooral om mentale afwijkingen zoals gedragsstoornissen of leermoeilijkheden, doofheid of gezichtsstoornissen.

Ongeveer 10% van de baby’s vertonen geen afwijkingen tijdens de zwangerschap of bij de geboorte. Bij hen kunnen er in de eerste levensjaren toch nog afwijkingen optreden. Hierbij gaat het voornamelijk om mildere ontwikkelingsstoornissen en gehoorproblemen.

Preventie en behandeling

Een medicamenteuze behandeling of vaccin voor dit virus bestaat (nog) niet. Daarom wordt vooral de nadruk gelegd op preventieve / hygiënische maatregelen binnen het gezin. Belangrijk zijn een goede handhygiëne (wassen of ontsmetten) na contact met lichaamsvocht van kleine kinderen, geen bestek uitwisselen met kinderen, niet drinken van hetzelfde glas,… Natuurlijk gelden deze hygiënische regels ook voor de toekomstige papa’s die via kussen of vrijen het virus kunnen doorgeven aan hun zwangere partner.

Onderzoek naar werking antistoffen

Momenteel loopt in UZ Leuven en in zeven andere Vlaamse centra een grootschalig onderzoek naar het nut van de toediening van antistoffen tegen CMV bij een infectie. Als u geen antistoffen hebt tegen CMV komt u in aanmerking voor deelname. Vraag ernaar bij uw arts of vroedvrouw.