Veelgestelde vragen over borstvoeding

Wanneer moet ik mijn kindje aanleggen?

Leg uw kindje de eerste maal aan, zo snel mogelijk na de bevalling. De eerste dag na de bevalling zal uw baby veel willen rusten. Leg uw kindje dan aan telkens hij/zij even wakker is, maar zeker elke 5 uur. Gebruik deze dag ook om zelf wat bij te komen. Vanaf de tweede dag legt u de baby aan zo vaak en zolang het er om vraagt. Ook 's nachts! Het is normaal dat uw kindje de eerste paar dagen minstens 8 à 10 voedingen per dag krijgt.

Hoe vermijd ik tepelkloven?

Tepels kan u tijdens de zwangerschap nauwelijks voorbereiden op het zware werk na de bevalling. Daarom zijn gevoelige tot licht pijnlijke tepels in het begin van de borstvoeding normaal. De ene moeder heeft er meer last van dan de andere.

Tepelkloven vermijdt u vooral door een juiste aanlegtechniek. Wanneer de tepel na het eerste zuigen van de baby pijn blijft doen, haalt u het kindje best van de borst en begint u opnieuw. Om kloven te voorkomen kan u naast een goede aanlegtechniek nog een paar dingen doen:

  • Zorg dat uw kindje nooit aan de tepel trekt maar houdt hem/haar dicht genoeg zodat het goed bij de borst kan.
  • Zorg dat de baby niet alleen tepel maar zoveel tepelhof binnenkrijgt als mogelijk is.
  • Wrijf na elke voeding, maar ook tussen de voedingen door, de tepel in met een dikke druppel moedermelk en laat goed opdrogen. Het is de beste en goedkoopste zalf die er is.
  • Indien uw borsten erg hard en gestuwd zijn, vraagt u een kwartier voor de voeding een warmwaterkruik en masseert u het tepelhof zachtjes tot er een beetje melk uitkomt en de baby de tepel makkelijker kan grijpen.

Indien u ondanks alle moeite toch tepelkloven hebt, vraagt u advies aan de vroedvrouw/verpleegkundige.

Hoe weet ik of mijn baby genoeg heeft?

Uw kindje mag zo lang en zo vaak drinken als het zelf wilt. Het bepaalt zijn eigen voedingsschema. Sommige baby's zijn wat luier en moet men wat meer stimuleren. Andere baby's zijn actiever en willen erg veel drinken.

Indien u de eerste dagen zo'n 8 tot 10 voedingen per dag geeft en uw kindje goed drinkt, heeft het waarschijnlijk genoeg. Je kan dit op 3 manieren opvolgen:

  • de baby is levendig en tevreden
  • de baby komt regelmatig bij in gewicht (de eerste dagen mag je baby wél afvallen)
  • de baby heeft per dag zeker 6 plasluiers

Moet ik soms bijvoeden?

Tenzij in uitzonderlijke gevallen én op advies van de kinderarts moet een 'borstkindje' de eerste week nooit bijvoeding of extra water krijgen. Zeker in de opstart van de borstvoeding moet een baby vooral aan de borst drinken om de melkproductie op het peil van zijn behoeften te krijgen. Indien u tussenin gaat bijvoeden, bestaat de kans dat de baby bij de volgende voeding minder lang of minder krachtig zal zuigen wat de melkproductie negatief beïnvloedt.

Een baby kan ook dorst hebben, vooral op warme zomerdagen. Het volstaat meestal om als moeder voldoende te drinken en de baby extra aan te leggen.

Mag mijn baby een fopspeen krijgen?

Het geven van een fopspeen tijdens de eerste week is niet aangewezen, enerzijds om hem/haar niet te verwarren, anderzijds omdat uw kindje te vlug getroost wordt en door het zuigen aan de speen een volgende voeding zal uitstellen.

Wat als mijn baby niet bij mij is?

Indien uw baby niet bij u op de kamer mag blijven en u graag borstvoeding wil geven, heb u wat extra ondersteuning nodig.

Is uw baby groot genoeg en voldoende sterk om aan de borst te zuigen, ga dan vaak naar hem/haar toe en leg zoveel als mogelijk aan. Maak afspraken met de verpleegkundigen die uw baby verzorgen, zodat ook zij weten dat u borstvoeding zal geven. Zij zullen u informeren over de mogelijkheden van uw kindje.

Indien u om de één of andere reden de baby niet kan of mag aanleggen en u toch borstvoeding wilt geven, zal u tijdelijk moeten kiezen voor afkolven. Zo brengt u de borstvoeding op gang en kan uw baby misschien toch uw melk krijgen. De vroedvrouwen zullen u hierbij begeleiden en advies geven.

Meer informatie over afkolven vindt u in de brochure Kraamtijd. Met een beetje geduld en inzet kan uw baby later overschakelen op de borst en genieten jullie verder van een geslaagde borstvoedingsperiode.

Lees meer over borstvoeding bij premature baby's.

Waar kan ik in UZ Leuven borstvoeding geven?

Medewerker, patiënte of bezoeker… u bent altijd welkom om uw kindje te voeden of melk af te kolven in ons aangenaam en comfortabel borstvoedingslokaaltje.

Roken en borstvoeding?

Veel rokende moeders zijn geneigd om flesvoeding te geven. Maar moedermelk, zelfs van een rokende moeder, bevat zoveel beschermende stoffen dat ze best nog altijd verkozen wordt boven flesvoeding.
Wanneer het je onmogelijk lijkt te stoppen met roken of je rookstop verder te zetten na de geboorte van je kind, kan je er op letten dat je pas rookt na het geven van de borst, en zo lang mogelijk voor de volgende voeding.

Lees meer over hulp bij het stoppen met roken.