Wat doet een uroloog?

Onderzoeken

Een heleboel mensen die met een gezondheidsprobleem bij de huisarts komen hebben een probleem op urologisch gebied. Denk hierbij bijvoorbeeld aan vrouwen met blaasontstekingen of incontinentie, maar ook aan mannen met impotentie of plasproblemenen jongens met een te nauwe voorhuid of bedplassen. De meeste huisartsen hebben dan ook een ruime ervaring met veel voorkomende urologische problemen en probleempjes. In veel gevallen is de huisarts dan ook de meest aangewezen figuur om urologische ziekten voor te leggen, temeer daar hij meestal ook goed op de hoogte is van de gang van zaken in het gezin van de patiënt; een aantal ziekten, zoals bijvoorbeeld impotentie of bedplassen, kunnen ook psychische (mede)oorzaken hebben, die bij een bezoek aan de (vreemde) uroloog niet altijd goed tot uiting komen. Is de ziekte hardnekkig, of betreft het een urologisch ingewikkeld of minder vaak voorkomend geval, of staat al snel vast dat er mogelijk een operatie in het verschiet ligt, dan kan de huisarts naar een uroloog doorverwijzen. 

Een uroloog heeft in het algemeen raadpleging in een ziekenhuis. Meestal is er een keuze tussen meerdere ziekenhuizen, of meerdere urologen, alhoewel een huisarts meestal met één uroloog regelmatig contact heeft en daar dan ook doorgaans naar verwijst. Over het algemeen zal de uroloog na een eerste gesprek en lichamelijk onderzoek vaak verder onderzoek afspreken (bloedonderzoek, urineonderzoek, Röntgenfoto's, blaasonderzoek) waardoor duidelijk wordt wat er precies aan de hand is. 

Behandelen

Als de diagnose is gesteld, dan zal samen met de patiënt worden besproken of er een behandeling noodzakelijk is, en zo ja, welke behandeling. Sommige patiënten, vooral mannen met plasproblemen, denken dat de uroloog meteen begint de 'messen te slijpen' zodra de patiënt een voet over de drempel heeft gezet; dat is niet zo. Gelukkig zijn er tegenwoordig voor een aantal ziekten ook simpele oplossingen of medicijnen voorhanden en kunnen de messen vaak in de lade blijven. Inderdaad zijn er momenteel nog aandoeningen die slechts alleen via operatieve weg kunnen worden verholpen; maar ook hier heeft de techniek niet stilgestaan en kunnen deze vaak via een kleinere, minder belastende ingreep opgelost worden. Vaak echter kan na meer gericht onderzoek de patiënt worden gerustgesteld en is de gevonden 'afwijking' onschuldig en een behandeling niet nodig.

Preventie

Een kwaadaardige tumor (kanker) kan in een vroeg stadium over het algemeen goed worden behandeld, zodat de patiënt kan worden genezen. Dit geldt evenzeer voor kanker van nier, blaas, prostaat, penis en testikel. In een aantal gevallen kan het zinvol zijn om middels periodiek onderzoek te trachten deze 'vroege tumoren' op te sporen. Het gaat hierbij daarom niet om echte preventie, waarbij een ziekte kan worden voorkomen, maar om zogenaamde vroegtijdige opsporing, met als enig doel eventueel aanwezige kanker te vinden in een vroeg stadium. Op die manier zijn deze kankers nog te genezen.

Met dit doel wordt op dit moment in de regio Vlaams Brabant een bevolkingsonderzoek naar prostaatkanker gedaan. Aangezien zoiets heel duur is en het vooralsnog onduidelijk is of het werkelijk lukt om op deze manier meer mannen te kunnen genezen, moet het proefonderzoek in Vl.-Brabant uitwijzen of e.e.a. ook nationaal uitgevoerd zou kunnen worden. Screening, want zo heet zoiets in goed nederlands, kan echter ook in niet-kwaadaardige gevallen nuttig zijn. Zo kunnen mannen zichzelf 'screenen' op plasproblemen door middel van de vragenlijst elders op deze Urologische website. Sommige mannen denken namelijk dat slechter plassen 'gewoon' bij de leeftijd hoort, met als mogelijk gevolg dat ze zich pas tot de huisarts wenden als het echt niet meer gaat en inmiddels beschadigingen van de blaas zijn opgetreden die niet meer terug te draaien zijn. Tevens heeft een bezoek aan de huisarts het voordeel dat deze dan de mogelijkheid heeft om de prostaat op mogelijke kanker te onderzoeken.