Afname van bloed voor de bepaling van het bloedsuikergehalte
Doel en principe
U hebt de neiging om te lage bloedsuiker (= hypoglycemie) te doen. Dit is soms moeilijk te herkennen. Dan is een controle van het bloedsuiker nodig.
Deze bloedsuikercontrole gebeurt met een bloedsuikermeter. De bloedsuikermeter geeft een direct en nauwkeurig resultaat van het bloedsuikergehalte op dat moment. Dit toestel werkt met glucosestrips. Deze teststrips worden in de meter geschoven.
Met behulp van een priklancetje prikt men een druppel bloed uit de zijkant van de vinger. Deze bloeddruppel wordt door de teststrip opgezogen. Na enige tijd (afhankelijk van het soort toestel) geeft de bloedsuikermeter uw bloedsuikergehalte weer.
Hypoglycemie: wat ?
Dit is een ontregeling van de bloedsuikerwaarde waarbij het suikergehalte in het bloed te LAAG is(< 45 à 60 mg/dl). Deze ontregeling kan vrij snel optreden en kan door iedereen anders ervaren worden.
Symptomen
De meest voorkomende tekenen voor hypoglycemie zijn : gevoel van zwakte, nervositeit, beven, gezichtsstoornissen, zweten, honger, bleekheid, hoofdpijn, flauwte.
Actie
- Een hypo is een dringende toestand die onmiddellijk moet behandeld worden.
- Bij de eerste tekens van een hypoglycemie : snelwerkende suikers toedienen onder de vorm van:
een paar suikerklontjes of een paar tabletten druivensuiker (vb. dextrose) of een glas cola, limonade(!geen light soorten) zo er geen suikerklontjes beschikbaar zijn. - Om te voorkomen dat de hypo terugkomt, neemt de patiënt vervolgens traagwerkende suikers: dit onder de vorm van een boterham of een koek
Bloedsuiker minder dan 45 (kind) à 60 (volwassene) mg/dl = hypo
Bloedsuiker tussen 80 en 150 mg/dl = optimaal
Materiaal
- Prikapparaat en priklancetjes (vb. Glucoject en priklancet vb. BD microfine ). Er bestaat een ruime waaier van priksystemen (zie specifieke uitleg prikapparaten). De aanschaf van een priksysteem bij uw apotheker blijft een persoonlijke keuze naargelang handigheid, prijs, enzovoort
- Bloedsuikermeter (vb. X sensor Glucocard), glucoseteststrips

Het prikapparaat klaarmaken voor gebruik
Meestal is de werkwijze als volgt (controleer wel steeds de bijgeleverde handleiding van uw toestelletje):
- prikapparaat openen door de kop los te schroeven
- een nieuw priklancetje in de houder steken
- het beschermkapje van het priklancetje verwijderen
- de kop van het prikapparaat terug opschroeven
- de prikdiepte instellen t.h.v. van de cijfers op de top d.m.v. een draaiende beweging naar de juiste richting (1 = minst diep; 5 = het diepste)
- de prikkop opspannen (wijze is afhankelijk van het type prikpen)
- de vinger stevig vastnemen, het prikapparaat op de top (zijkant) van de vinger aanbrengen.
- op de knop van het prikapparaat duwen om het lancetje af te schieten

Prikplaats
- de zijkant van de vinger is het minst pijngevoelig
- de normale tastgevoeligheid van de vingertoppen wordt hierdoor niet gestoord (bij voorkeur worden de wijsvinger en de duim niet gebruikt)

Aandachtspunten
- Was steeds de handen met warm water en zeep, goed naspoelen. De vinger moet proper zijn vooraleer erin geprikt wordt. Toevallige aanwezigheden van suikerhoudende stoffen op de huid moeten verwijderd worden.
- Droog de handen af met een zuivere handdoek of met een papieren zakdoek. De vinger moet goed droog zijn want indien de vinger vochtig is, zal de druppel zich over de hele vinger verder uitspreiden.
- Niet ontsmetten met alcohol.
- De alcohol droogt slecht op, waardoor de vinger nat is (cfr. hierboven).
- Alcohol vermengd met bloed geeft op sommige strips een vals hoog glycemiecijfer.
- Het weglaten van alcoholontsmetting geeft geen toename van huidinfecties.
- Door middel van warm water of door de vinger wat te verwarmen wordt de bloedcirculatie verbeterd, waardoor er gemakkelijk een goede bloeddruppel wordt verkregen en de prik minder pijnlijk is.
- Men stuwt de vinger tot men een druppel bekomt . Bekomt men na het stuwen geen bloeddruppel, dan wordt beter herprikt.
Klaarmaken van de bloedsuikermeter en uitvoering
- Opstarten van de testmeter: controleer of het F-getal overeenstemt met het doosje strips.
- Open de verpakking van de strip (opgelet: raak de strip zelf niet aan)
- Stop de strip ver genoeg in de invoer van de testmeter; u zult een signaal horen en er verschijnen enkele cijfers (zie gebruiksaanwijzing van het toestel)

- U hebt 3 minuten de tijd om aan te prikken en de strip in contact te brengen met bloed.
- Prik met het klaargemaakte prikapparaat (zoals hierboven beschreven).
- De strip kan het bloed alleen opzuigen als u het uiteinde van de strip voorzichtig tegen de bloeddruppel aanhoudt. Als u de druppel op de strip laat vallen, zal er niets gebeuren.
- Het toestel zal de seconden aftellen en na vijf seconden (tijd is afhankelijk van het soort toestel dat u gebruikt) zal het resultaat op het scherm verschijnen.
- Opgelet: als uw bloedsuiker lager is dan 20 mg/dl zal er "LO" op het scherm verschijnen.
Nazorg
- Duwen op de vingertop totdat het bloed gestelpt is. Goed reinigen. Eventueel een kleefpleister kleven.
- Het priklancetje uit het apparaat verwijderen, de bescherming van de naald terug aanbrengen en weggooien.
- De teststrip met de verpakking uit de bloedsuikermeter halen en weggooien.
- De beide apparaten reinigen.
